Ode aan de natuur / Hannelieke van de Beek

We zijn er trots op dat we van 16 oktober - 20 november kunstwerken van Hannelieke van de Beek kunnen laten zien. Van de Beek heeft een hele intuïtieve manier van werken. In de Stroom legt ze aan Jan Willem Drost uit hoe ze werkt. Hieronder vindt u een verkorte versie van het interview. De expositie is iedere zondag te zien tussen 14-16 uur in De Schakel, Pius XII-straat in Wijchen.


Soms het gevoel gestuurd te worden

Verwondering is voor jou een belangrijk begrip.

Ja, dat klopt wel. Ik ben bang dat ik teveel zie. Ik maak vaak foto’s, ik ben altijd visueel bezig en probeer voor mezelf en voor anderen te benoemen wat ik zie. Kijken door een lens werkt voor mij het beste. Dan onthou ik beter wat ik zie. En dan geniet ik extra van het stil staan. Dan sluit ik me helemaal af van wat er om mij heen gebeurt.

Als je door de verwondering iets moois op het spoor komt, moet het daarna een kunstwerk worden. Hoe werkt dat?

Zo kijk ik niet. Ik kan bijvoorbeeld de zee bij windkracht 8 fotograferen, maar dan denk ik niet: ‘Wat kan ik met die foto’s doen?’ Maar laatst kreeg ik de vraag of ik een voorpand van een mantel van hoop en troost wilde maken voor een Mariabeeld. Die mantel moest ook een relatie leggen met tijden van corona. Dan denk ik: ‘Ah, de corona kwam in golven. Dan zoek ik naar de betekenis van water, dan kom ik bij Noach uit en Jona, bij de doop. Ik dompel me zo helemaal onder in de symboliek en uiteindelijk kom ik dan op stralen licht die op de golven vallen. Dat beeld van troost wil ik er dan in hebben. En daar gebruik ik dan een foto voor die ik bij die zee gemaakt heb. Zo’n beeld wordt me ingegeven. Dat valt me dan letterlijk toe. Zoiets gebeurt wel vaak.

Je vertelde me, dat mensen soms betekenis geven aan jouw werk. Het verhaal van het kunstwerk ‘Rabboeni’ is daarvan wel een mooi voorbeeld.

Ik weet nooit wat ik doe. Het gebeurt. Op een gegeven moment bloeiden de krokusjes in het gras. Die fotografeerde ik. Wat gebeurt er? Er liggen twee takken in het gras in de vorm van een kruis. Ineens zie ik mijn eigen schaduw door de zon en er liggen dode bladeren. Ik denk: ‘Dit is mijn eigen sterfelijkheid, de kringloop van het leven’. Ik maak er een foto van. Uiteindelijk ben ik dat werk aan het borduren tijdens een expositie. Er komt een man bij me staan en die zegt tegen  mij: ‘Mijn oude moeder zei laatst tegen me: ‘Ik hoop dat de Tuinman me snel komt halen’. Op dat moment begin ik te huilen en hij ook. En ik zeg tegen hem: ‘U geeft nu betekenis aan dit werk’. Ik zag ineens, dat dit werk over de opstanding gaat, over mij en in mijn schaduw ook over de Tuinman die Maria van Magdala ontmoet bij het graf.

Dat heb je veel, toch, die wisselwerking tussen jouw werk en de bijbelse woorden en verhalen?

Ja, daarom wil ik ook alleen maar in kerken exposeren. Daar hebben mensen die bagage nog. En dan kan zoiets gebeuren.

Het heeft wel iets profetisch, Hannelieke…. je reikt mensen beelden aan waarin ze hun geloof weerspiegeld zien….

De laatste tijd laat ik die gedachte wel eens toe, ja. Het gebeurt tenslotte best vaak dat mensen er gedachten en beelden in zien die ik er niet bewust in gelegd heb… Ik heb soms wel het gevoel dat ik daarin gestuurd wordt.

Nieuwsbrief Kunst in de kerk

Klik hier om de najaarsnieuwsbrief van kunst in de kerk te lezen